Kalium
Het woord kalium is afgeleid van het Arabische al-qali (potas), de naam die werd gebruikt voor zowel kalium als voor natrium. In de Angelsakische en Romaanse landen staat kalium bekend als potassium.
Een belangrijke taak die het mineraal kalium heeft, is het regelen van de bloedsuikerspiegel en het handhavem van een 'normale' bloeddruk. Tevens zorgt kalium voor een juist vochtbalans in het lichaam en is het mineraal nodig voor de zenuwgeleiding (in combiantie met natrium) en spierfunctie.
Kalium zit in veel voedingsmiddelen. Belangrijke bronnen van kalium zijn aardappelen, zuivel, brood, vlees, fruit (vooral bananen), noten en groenten. Let wel op, bij het koken van aardappelen en groente in een ruime hoeveelheid water, gaat er kalium verloren.
Voor kalium is er geen aanbevolen dagelijkse hoeveelheid (ADH) vastgesteld. Aanbevolen wordt om als volwassen persoon 3 tot 3,5 gram kalium per dag te gebruiken.
Wil je weten hoeveel kalium jij nodig hebt op een dag? Kijk dan in de ADH tabel voor deze waarde.
Over gevolgen van een teveel aan kalium zijn weinig gegevens bekend. Er word gezegt dat overmatige hoeveelheden kalium (meer dan 17 gram kalium per dag) spierslapte en geestelijke apathie kan veroorzaken. Dit zou een hartstilstand tot gevolg kunnen hebben. Ook zou een teveel aan kalium zweren van de dunne darm tot gevolg kunnen hebben.

Kalium zit in veel voedingsmiddelen, waardoor een tekort aan kalium nauwelijks voorkomt. Wel kan een tekort aan kalium ontstaan als gevolg van een verhoogd verlies aan kalium door braken of het lang aanblijven van diarree. Gebruik van laxeermiddelen en diuretica kunnen eveneens een kaliumtekort veroorzaken.
Bij een tekort aan kalium worden de spieren slap en zwak (spierpijn) en is er kans op een verstoorde hartfunctie. Men voelt zich vaak vermoeid en de bloeddruk kan laag zijn. Ook depresies en andere psychische stoornissen kunnen een tekort aan kalium als oorzaak hebben.
Chemische naam:
Afkoring kalium: K